Archive for De God van mijn vader

De God van mijn vader VI

AVONDMAAL

Nu we het er toch over hebben. Het is een heel gedoe met dat avondmaal. Om nog maar niet te spreken over die vervloekte paapse mis. In mijn kerk “mag” een gewone oudste (wat bij anderen weer een ouderling is) het avondmaal bedienen, wat bij anderen, vooral in reformatorische kerken natuurlijk weer niet mag. Want we geloven dan wel niet meer in de con- of transsubstantiatie (brr…dat betekent gewoon dat brood echt Jezus wordt, in de Geest Jezus of gewoon brood blijft), maar een heilige handeling blijft het. Vroeger – in mijn kerk, de gereformeerde gemeente (wat weer héél wat anders is dan de gereformeerde kerk) was avondmaal een trieste bedoening. De dienst duurde twee keer zolang, er was een week van voorbereiding, een nabetrachting en één, twee of zelfs drie tafels uitverkorenen. Meer moesten het er niet worden, want zoveel waren er niet. Eén uit een dorp, twee uit een stad. iedereen was stil, vrouwen in het zwart huilden omdat ze wel aangingen of juist omdat ze geen vrijmoedigheid hadden. Omdat je toch niet weg mocht keek je maar. Vooral om er thuis over mee te kunnen praten. “Nou, nou, die vrouw van de Jong, heb je die gezien? Die ging ook aan, maar ze was wel licht gekleed hoor. Ik had het niet gedacht, want ze hebben zelfs radio thuis!!” Natuurlijk waren er mensen met een oprecht en diep verlangen om aan het avondmaal te gaan. Maar die werden tegengehouden door al die domme en onechte tradities en gewoonten. De super-heiligheid, waarmee de tafel omgeven werd. Alleen de dominee die het mocht “bedienen”, de strak witte tafellakens, het zilveren avondmaalsstel, zo was het eeuwen geleden en zo moest het zijn. En vooral arme zondaars die huilend uit de bank durfden opstaan na de zoveelste nodiging. Zo moest het ook. Beséffen we wel, dat het allemaal onnodig en dikwijls onecht is, maar dat ook evangelischen van vandaag er onder gebukt gaan. Dat ook wij (ik schrijf even wij als evangelische voorganger, maar het geldt net zo goed voor gereformeerden en andere schaapachtigen), dat ook wij een wit tafellaken willen, met tinnen of zilveren kannen. Dat ook wij het al revolutionair vinden om in plaats van witbrood zonder korstjes madzes te gebruiken. Dat ook bij ons de heilige beker nog met grote huivering rondgaat omdat de angst van vroeger er nog in zit. Ook wij kunnen felle onenigheid hebben over de bediening van het avondmaal, het brood wat we gebruiken, de wijn die we schenken, de muziek die we erbij spelen, of er vrouwen of mannen mogen bedienen, of de beker eerst mag (voor één keer), of we ronddelen of ophalen. We zijn zo goed in staat om van de hele bediening zo’n santenkraam te maken, dat we de inhoud op de achtergrond stellen. We wéten wellicht nog dat het gaat om het Lichaam en het Bloed van Christus, maar het hoe of wat van de inhoud wordt grotendeels versluierd door onze tradities en de ruzies daarover. Ook in onze hedendaagse niet gereformeerde gemeentekerken duren avondmaalsdiensten lang, zijn ze saai voor kinderen, snappen een heleboel mensen er niks van en zijn we blij dat we het niet méér dan één keer per maand hoeven te doen. Ook vandaag zijn er veel kerken en gemeentes (let op het subtiele verschil!) waar juist met avondmaal andere kleding en een andere stemming wordt verwacht zonder dat dat wordt gekoppeld aan de inhoud. Ik schop niet tegen kleding, maar tegen onechtheid! Doe vooral een pak aan als je dat wilt, maar suggereer niet, suggereer nooit! dat God dat zo wil. Daar heeft Hij niks over gezegd en er is ook nog nooit iemand ziek geworden omdat hij geen stropdas aanhad bij het avondmaal.

De angst voor de “vervloekte afgoderij” van de “paapse mis” zit er intussen ook nog goed in. De keren dat ik naar voren ben gelopen om de eucharistie te ontvangen had ik het gevoel dat stiekum te moeten doen. Als gemeenteleden het zouden zien, deed ik het maar niet, want ik zou ze van hun geloof af kunnen brengen. Dat heb ik afgeschud. En als zonde beleden! Het is niet goed om zo aan buitenkant te doen. Als je niet mee kan of wil doen, die je het niet, Geen probleem al moet je natuurlijk wel héél goed nadenken waarom niet. En als je wel meedoet doe je het altijd! Ook in de rooms katholieke kerk.

Terwijl ik dit opschrijf besef ik dat ik eigenlijk aanzet tot insubordinatie, ongehoorzaamheid. het mág helemaal niet. Niet van de Paus, maar ook niet van de gereformeerde gemeente en van de PKN en van andere kerken die niet hebben besloten “met elkaar in gemeenschap” te zijn. Nou kunnen we ook daar weer uren, dagen maanden jaren over gaan vergaderen om er vervolgens niet uit te komen. Zelf sla ik die stap liever over en ga ik gewoon zolang ik niet geweigerd word. Waarom zou ik iemand, wie dan ook, over mijn geweten laten oordelen? Hij die mij oordeelt is God en dat is soms al eng genoeg.

Juist in het avondmaal belijden we dood en opstanding van Christus. Dat heeft niets te maken met religie, gewoontes, stijfheid, kerkordes en andere verwarring stichtende documenten, maar met de levende Heer! (of Here, of Heere, of HEERE)

%d bloggers liken dit: