Archive for De God van mijn vader

De God van mijn vader XXIII De kerk.

Wat is nu eigenlijk de kerk? Evangelischen konden vroeger het woord niet eens uitspreken. Zij hadden het over de Geméénte! Naar buitenstaanders moest (en moet?) je steeds weer uitleggen dat die gemeente geen burgemeester heeft maar een voorganger, geen wethouders maar een oudstenraad. Wat in bepaalde gevallen trouwens ongeveer hetzelfde is. Kerkbesef, historisch besef is er bij evangelischen nauwelijks. De meesten weten niet eens de oorsprong van de pinkster, cama, baptisten, doopsgezinde gemeenten. Bij de Hervormden (nu PKN) is dat heel anders. Nou ja, héél anders ook weer niet, maar zij weten dat zij in de kerk der vaad’ren zitten. Vaders en moeders zijn daar gedoopt, getrouwd en begraven. O God, Die droeg ons voorgeslacht. Nageslacht is er tegenwoordig nauwelijks meer dus raakt de kerk onbevolkt. Ook als hij niet leegloopt. Maar wat ís die kerk nu eigenlijk. Was Adam ook lid van de kerk? Volgens Calvijn wel. De eerste kerk en hij was voorganger en raad en lid en alles tegelijk. De kerk bestaat uit “uitgeroepenen”. Uit de wereld geroepen. Adam, Noach (waarschijnlijk met een orgel van Jubal in de ark) Abraham, Mozes, Jesaja, allemaal kerk! Anderen zeggen weer dat de kerk “geboren”werd op de eerste pinksterdag. Toen Gods Geest alle gelovigen verbond tot het Lichaam van Christus. Je moet intussen al behoorlijk ingeschoten zijn om al dit gedoe te begrijpen. Als buitenstaander zie al de verschillende bordjes bij de deuren van de kerken. Sommigen roepen heel hard welkom. Bij anderen is de toestroom zo buitenissig dat je het als onbekende gast wel uit je hoofd laat. Er zal hoop ik wel nergens meer een groen lampje gaan branden voor de gasten, zoals vroeger in de kerk van mijn vader. Vijf minuten voor aanvang waren de vooraf betaalde plaatsen vrij en mochten eventuele bezoekers gaan zitten. Die stonden soms in groepjes te wachten in het gangpad aan het eind. Dat was niet erg, want zij kwamen ook uit kerken met groene lampjes en wisten hoe dat werkte. Echte buitenstaanders kwamen er niet. Eenmaal binnen valt het ook niet mee. Gaan ze staan, blijven ze zitten. Moet je betalen of niet? Is er avondmaal, eucharistie, moet je erheen of komen ze het brengen? Moet je je voorstellen aan je buurman of vrouw of juist heel stilhouden? Wat betekent “onze hulpe is in de name des Heeren” of – heel anders en toch hetzelfde – “dit is de dag die God ons geeft”. Juist deze dag of elke dag? Is er een dominee, of een broeder of zelfs een zuster. Zijn die dan allemaal familie? Ach, we begrijpen het wel een beetje. Het golf- tennis- en wielren jargon is ook niet eenvoudig om over de new-age kerk nog maar te zwijgen. Voor alle duidelijkheid: dat is natuurlijk geen kerk en ook geen gemeente en Adam en Eva waren er zéker geen lid van.

%d bloggers liken dit: